Podcast "Achter de beperking" - aflevering 15 - Hans Kroon over het zorgsysteem en de gevolgen voor de kwaliteit van leven.
- Podcast aflevering:

Na een carrière als manager in de gehandicaptenzorg, werkt Hans Kroon sinds 20 jaar als onafhankelijk belangenbehartiger voor mensen die niet passen in de standaard zorg. We praten over het zorgsysteem en de gevolgen voor de kwaliteit van leven. Kunnen we met alle regels en voorschriften nog goede ondersteuning geven? Wat zijn de mogelijkheden buiten dit systeem wat kom je tegen als je dat op een andere manier wilt organiseren?
Klik op de knop Lees transcript van de podcast als je liever leest dan luistert!
Transcript Podcast
Gerard
Welkom Hans Kroon. Ja, vertel maar eens wat over jezelf.
Hans
Ik ben Hans Kroon. Ik kom uit Voorhout in de Bollenstreek. Ik ben 62 jaar oud. Ik werk de laatste jaren professioneel als onafhankelijk cliëntondersteuner voor mensen die gebruik maken van de Wlz. Ik hou me daar vooral bezig met mensen die niet in het systeem in Nederland passen, dus die die zorg nodig hebben, maar dat niet kunnen vinden in het gebruikelijke aanbod zoals dat dan heet.
Dus ik creëer van alles wat niet bestaat en ik probeer het systeem zoveel mogelijk te benutten om mensen toch te geven wat ze nodig hebben. Ja, dat is eigenlijk het wat ik het meeste doe.
En ik ben getrouwd. Ik heb twee volwassen zoons die het huis uit zijn. Mijn vrouw heeft ook een een beperking sinds een jaar of tien. Dus ik weet ook hoe het is om afhankelijk te zijn van zorg, een mantelzorger te zijn.
Gerard
Gaan we ook naartoe ja, maar bent iemand met ook heel veel geschiedenis. Je bent in 2003 vanuit de psychiatrie ingestapt...
Hans
Ik ben van oorsprong verpleegkundige, eerst eerst in 't ziekenhuis en daarna in de psychiatrie verpleegkundige geweest. Ik heb met name in de psychiatrie gewerkt tot 1999. Als verpleegkundige binnen zowel de acute- als de langdurige psychiatrie zoals het toen heette. Daarna manager geworden, want ik dacht dat ik het systeem dan beter kon veranderen zodat het beter werkte voor mensen.
Nou dat bleek dus eigenlijk maar zeer beperkt te zijn. Je kon nooit iedereen tevreden stellen en er was altijd politiek of er was altijd regelgeving of er was altijd de belangen van de organisatie die belangrijker waren dan die van de cliënt of de persoon die het moest ondergaan.
Gerard
Ja ja, we hebben het nu nog over de periode dat je in de psychiatrie werkte, want je bent via Den Haag, Middin ...
Hans
Het heette toentertijd de Compaan en in 1999 ben ik daar gaan werken als leidinggevende van een viertal en soms een achttal woonvoorzieningen voor mensen met ja moeilijk verstaanbaar gedrag. Dat was in Kijkduin, bestaat nog steeds. Het is al vier keer verbouwd sindsdien. Daar viel ik eigenlijk direct onder de directie.
Tijdelijk omdat het daar nogal chaotisch was. En dat beviel me eigenlijk prima.
Gerard
Was crisismanagement...
Hans
Crisismanagement en de vrije hand hebben ... Dus ik heb heel veel kunnen doen aan zorg op maat, zoals dat heette. En daar zat toen een goede directie op en ze ontsloegen steeds de baas die boven mij zat, dus ik had meestal rechtstreeks met ze te maken. En toen ik daar ook inhoudelijk niet zo goed wist wat ik moest doen te hebben ze Erwin Wierenga erbij gehaald.
Ja en die die heeft mij de ogen geopend over hoe je naar mensen met een beperking kijkt.
Dus ik ben met dat gedachtegoed in het achterhoofd mijn werk gaan doen en vond daarbij heel veel ouders die dat fantastisch vonden. En het werkt goed, ook voor het personeel. Het werkt goed voor de voor de mensen zelf. Totdat ik uiteindelijk een nieuwe manager kreeg die vond dat ik weer in het gareel moest lopen.
En hoewel ik meende een goede manager te zijn, vond hij toch dat ik naar hem moest luisteren en dat heeft ertoe geleid dat die me ontslagen heeft. Oké, en dat was puur op het principe ja dat dat ik vond dat bepaalde bezuinigingen niet konden en dat bepaalde aandacht nodig was voor de intensieve zorg die de mensen nodig hadden.
En hij dacht dat daar best meer af kon. Dat is ... zo banaal was het uiteindelijk. Ja, toen ben ik eruit gegooid.
Ja, en toen ben ik terecht gekomen, via Erwin, bij Stichting Perspectief.
Dat was 2003.
Gerard
Ja, eventjes terug in de geschiedenis wat dat betreft. Hoe lang bestond op dat moment stichting Perspectief al?

Hans
Perspectief bestond vanaf 1999.
Gerard
Perspectief is ook mede ontstaan door een aantal progressieve zorgaanbieders. Wat was eigenlijk hun oogmerk, hun doelstelling?
Hans
Nou, ze wilden als Prinsenhof Groep beter kijken naar de kwaliteit van leven van mensen met een verstandelijke beperking. En Mario Nossin was uit Nieuw Zeeland gekomen met een manier om kwaliteit te meten die heel erg recht doet aan de kwaliteit van leven in plaats van ... als er onderzoek werd gedaan, dan was het naar kwaliteit van zorg.
Het idee was: de zorg is maar een onderdeel van het leven. In In Nieuw Zeeland hadden ze een manier ontwikkeld om dat om naar de hele kwaliteit van leven te kijken. En toen heeft de Prinsenhof Goep, die heeft Stichting Perspectief op de rails gezet of geholpen om een start te maken en in de vijftien jaar daarna heeft Stichting Perspectief heel veel kwaliteit onderzoeken gedaan in heel Nederland.
Bij heel veel woonvoorzieningen, dagbesteding, voorzieningen.
Ik werd daar teamleider, dus ik heb heel veel van die onderzoeken gedaan met een team van ...
Gerard
Maar had je daar de kwalificaties voor? Of was het gewoon inhoudelijk dat er een klik was? Dat ze zeiden van jij kunt dat, jij moet dat doen.
Hans
Nou, ik moest een basistraining volgen en en daarin werd bekeken of ik geschikt werd geacht. En in eerste instantie dachten ze eigenlijk dat ik niet geschikt was, want ik was een manager en de meeste mensen bij Perspectief, die hadden eigenlijk vooral ruzie met managers. Dus ik was eigenlijk van de verkeerde kant.
Maar ik kon heel goed verwoorden wat ik dacht dat belangrijk was en dus ik heb het voordeel van de twijfel gekregen. En vervolgens ben ik drie keer mee geweest met zo'n evaluatie zoals we dat noemden en daarin bleek dat ik toch wel een goede interviewer was en dat ik breder keek dan alleen de zorg, dat mensen graag met hem aan mij verhaal wilden doen en dat ik dat ook goed kon registreren, dus goed kon beschrijven.
Dus toen ben ik in genade aangenomen.
Gerard
Als manager kon je dus bij Perspectief terecht. Misschien had je ook wel een toegevoegde waarde, juist omdat je manager was met al die ideologen. Of waren het ook praktische mensen?
Nou, ik was wel een van de meest praktische mensen daar. Mijn management vaardigheden zijn daar nauwelijks aangesproken, want daar hadden ze genoeg mensen voor. Veel te veel coördinatoren zelfs.
Maar goed, het is wel handig dat je weet hoe het systeem in elkaar zit. Dus mijn achtergrond was wel weer nuttig voor collega's om te snappen waarom bepaalde dingen op een bepaalde manier gingen.
Als je iets beter weet wat de achtergrond van een systeem is, dan weet je ook hoe je het aan moet pakken en heb je soms wat meer begrip. Één van de dingen die best lastig was - goed was en lastig was - was dat dat het leeuwendeel van mensen die werkten bij Perspectief vaak een achtergrond hadden als familielid. Dus die kenden alleen het systeem van hoe het je in de weg zit, maar wisten niet precies hoe het systeem werkte.
Ik heb toen ook ontdekt dat ik er eigenlijk handig was om het ook weer om te keren, dus ik ben toen ook gaan werken, toen al, voor families die klem raakten in het systeem om hen te gaan helpen te navigeren door dat systeem, om zo te krijgen wat hun kind met een beperking nodig had.
Dus die combinatie van handig zijn en de visie snappen, die was erg handig. In die periode ben ik ook voor het eerst in aanraking gekomen met de ideeën van Social Role Validation (SVR).
Gerard
Ik wil nog eerst even terug want we zitten nu rond 2003 nog steeds en jij stapte vrij laat in in vergelijking met mij bijvoorbeeld. Ik ben in 1972 begonnen als begeleider in een instelling. Wat weet je eigenlijk van de geschiedenis voor 2003? Want Stichting Perspectief was toch een gevolg van een aantal dingen die eerder al in de gehandicaptenzorg waren gebeurd. Te beginnen met Dennendal. Ik bedoel, toen ik ging werken waren er alleen nog inrichtingen. Wat weet jij als relatieve buitenstaander van die geschiedenis?
Hans
Mijn psychiatrie opleiding heb ik op de Bavo gedaan in Noordwijkerhout.
Kijk, naast Dennendal heb je de Bavo en daar kende ik al een stel hippies die bezig waren met te experimenteren met alles wat er mogelijk was en er was een verdunning wijk. En tegelijkertijd was de Bavo de plek waar als eerste een beschermd wonen wijk gebouwd was. Er was sprake van antipsychiatrie. Dus ik ben wel opgevoed in een klimaat van je moet wel kijken naar de mens en en hoe we het altijd hebben gedaan.
In de inrichting is niet perse goed. Ja dat heb ik daar wel meegekregen. En ja, de Hafakker en de Bavo waren vroeger .... daarvoor was het één en toen liep alles door elkaar. Ja, en dat was voor heel veel mensen van de Hafakker was dat ook waar ze vandaan kwamen.
En toen kwam ik er ook achter dat heel veel van die mensen hun hele leven al binnen de muren van de Bavo hadden gebivakkeerd. Er was ook een museum. Ja, het Bavo museum waar je ook kon zien waar dat allemaal nog verder vandaan kwam. Aan de ene kant leerde ik dat instellingen normaal waren, aan de andere kant had ik zoiets van wat heeft dit nou eigenlijk met mensen te maken?
Gerard
En dan komen we weer mooi terug bij Wolffensperger EN SRV. Want die heeft eindelijk dat hele systeem ook vrij fundamenteel geanalyseerd. Samen met een socioloog als Goffman, die het had over de totale instituties. Jij bent denk ik vanuit Perspectief met Wolf Wolffensperger in aanraking gekomen.
Hans
We kwamen in aanraking eerst met Michael Kendrick en die kwam met de theorie van Social Role Validation.
Dat is een van de moeilijkste Engelse termen die bedacht is door Wolffensperger zelf. Die wilde graag alles gedefinieerd hebben op zijn manier. Het gaat om het kijken naar de waarde van sociale rollen die mensen hebben. Ieder mens die een goede kwaliteit van leven heeft, heeft een aantal waardevolle positieve sociale rollen.
Bijvoorbeeld , dat je iemands vriend bent of dat je een werknemer bent. Of dat je een buurman bent. Of je bent een sporter, een fietser. Er zijn tientallen sociale rollen die mensen hebben en die hun leven compleet maken. Ja, en hoe positiever die rollen zijn, hoe gelukkiger mensen in principe zijn.
Gerard
Je vertelde me dat je pas een podcast gehoord had waar mensen het over cliënten hadden. Ja, dan is je rol ook gedefinieerd natuurlijk toch?
Hans
Ja, aan een rol zitten natuurlijk allerlei definities vast en aan de rol van cliënt daar zitten hele negatieve connotaties vast. Als iemand nu al wordt geïntroduceerd als cliënt, dan weet je al dat er iets mis met hem is en zijn je verwachtingen over die persoon, die zijn gelijk laag. Althans zo kijkt de maatschappij ernaar.
En natuurlijk de mensen. Iedereen wil daar doorheen kijken en ik denk ook dat ze dat echt wel proberen, maar door hun taalgebruik ... dat doet verschrikkelijk veel. Dus als je iemand zegt hij is cliënt, dan wordt er gewoon in de praktijk in mijn dagelijks praktijk ook anders naar iemand gekeken dan dat je over iemand zegt van hij is vrijwilliger bij een..., ik noem maar wat, kerk. Dat kan dezelfde persoon zijn.
Bij een van mijn eerste evaluaties kwam ik een mevrouw tegen en die was 69 jaar. Die woonde in een verschrikkelijk ouderwets gezinsvervangend tehuis. Ik. Ik vond het daar vreselijk. Het was daar donker, het was daar druk. En die mevrouw, die was gewoon verschrikkelijk blij. Die, die woonde daar al heel lang en dus ik ben heel erg op zoek gegaan met die mevrouw en naar waarom ben je zo tevreden met je leven? Wat is voor jou dan kwaliteit? En toen bleek dat zij de sociale rol had van hulp- koster in de kerk en dat deed ze al heel erg lang en daar draaide haar leven om. (...)
Gerard
Dat was een levensvervulling ...
Hans
Precies ja. Dus zodra je met haar kwam te praten over dat deel van haar leven, dan ging ze helemaal open staan en dan kwamen de verhalen. Dan kwam het geluk, dan kwam de blijheid en dan kwam de erkenning die ze kreeg. Ja, en als je het had over haar rol van cliënt, nou dan dat, dat pikte ze allemaal. Haar leefomstandigheden nam ze allemaal voor lief, want het hoorde bij 't ... het stelde haar in staat om heel koster te zijn.
Gerard
Over de beweging naar buiten in de jaren '90: daar hebben ze toch een aantal fundamenten in gemist. Zoals we nu zitten te praten, menselijkerwijs gesproken.
Hans
Ja, want heel grof gezegd de instituten of de instellingen hebben we verplaatst van de instelling terreinen naar de wijken.
Gerard
Zoals Ad van Gennep het zei: We hebben alleen stenen verplaatst.
Hans
Precies ja, en daar ben ik het helemaal mee eens, want ik ben in heel veel van die plekken geweest. Het is gewoon de hele dynamiek die daar binnen is, deze plek is van de instelling. Deze plek is niet van jou als bewoner. Wij bepalen als personeel wat hier gebeurt en hoe je leven daar uitziet en je bent omringd door andere mensen met een beperking.
Niemand in jouw omgeving weet hoe we jou, een waardevol lid van de samenleving kunnen laten zijn. Dus daar begeleiden we je ook niet bij. Nee.
Gerard
Nee nee. Maar dat is ook de cultuur, de traditie. Inge Mans die zei altijd mensen wonen op de werkplek van de begeleiding.
Hans
Ja nou dat klopt dan.
Een vraag die ik toen vaak stelde was Woon jij op iemands werk of werk jij als begeleider in iemands huis?
Ja, en dat waren dan van die van die eye -openers. Vragen waar mensen dan van zeggen, die hadden zich daar dus nog nooit wat bij afgevraagd.
Gerard
Ja, en dan moet je dus de maatschappij in met die instellingen. Ik ben er ook een product van. We kwamen allemaal vanuit die gesloten cultuur. Ja dus de begeleiding had gewoon eigenlijk die 'brug- vaardigheden' nodig. Ja, daar waren ze ook nooit voor opgeleid natuurlijk. Busje komt zo, de dagbesteding bleef waar die was. Het denken van de organisatie en de omgeving er omheen is eigenlijk in feite ook niet veranderd.
Heb je ook goede voorbeelden gezien van dat die verbinding met de samenleving wel kon worden gemaakt?
Hans
Ja, een paar, maar ook niet meer dan een paar.
Een voorbeeld was toevallig een Thomashuis, want ik heb ook heel veel Thomashuizen gezien waar het minder vrij ging. Maar dit was een Thomashuis, en alles klopte. Voor de mensen die niet weten wat het is, dat is een franchise van woonhuizen die worden gerund door ondernemers die daar samen wonen met een x aantal mensen met een verstandelijke beperking. Vaak een echtpaar. en ja, in dit geval was het ook een gezin met met met opgroeiende kinderen, een aantal mensen met een beperking en en vanuit sociaal overleg eens even gekeken waar ze deden. Ze een aantal dingen heel erg goed. Ze woonden in een stadsboerderij, oude stadsboerderij waarvan de geschiedenis van het gebouw was dat het echt een centrum van de wijk was en iedereen kwam daar altijd al over de vloer, dus dat was dat was een plusje dus.
Plus een ander plusje was dat ze daar ook daadwerkelijk wat mee deden. Dus ze kenden de mensen in de buurt en de buurt was welkom. Ze organiseerden dingen voor de buurt en stimuleerde ook dat mensen van het Thomashuis bij mensen in de buurt wat gingen doen of gingen een klusje gingen doen of op visite gingen. Dat werd ondersteund.
Het was een een overzichtelijke gemeenschap, een dorp waar men elkaar goed kent. Ze namen gewoon mensen aan op basis van het feit dat ze daar echt mee gingen leven, niet voor gingen werken maar mee gingen leven terwijl ze ook zichzelf konden blijven. Ook hun kinderen, hun puberkinderen, konden ook zichzelf blijven. En het was ook een veilig en prettig huis om in te wonen.
En overzichtelijk van schaal. Overzichtelijk, zeker. En het was eigen. Dus mensen die daar woonden en hun familieleden hadden het gevoel van dit is jouw huis, jij woont niet in het huis van een ander. Jij woont hier en dat is dat is oké. Dit is jouw bestaan en dat is goed. En als er wat nodig is, dan wordt dat. Wordt daar voor gezorgd dat dat er komt.
En als dat niet gelijk lukt, dan weten we ook hoe het hoorde, hoe de hazen lopen. Ja, dus. Je treedt in gezamenlijkheid op om mensen te geven wat ze nodig hebben. Ja, met de ondernemers ja.
Gerard
De hele beweging naar normalisatie. Die was echt volop gaande toen jij eigenlijk instapte. 'Gewoon Doen' van de Federatie van Ouderverenigingen en zo. Maar het was goed van schaal, het was een heel erg groot organisatorisch project en los van de cultuur die niet in de mensen zat om naar buiten toe te gaan ja, was die schaal, en de manier waarop alles moest worden georganiseerd. Het verdienmodel moest blijven bestaan dat was ook een factor. Herken je dat?
Hans
Ik heb het wel eens met een van de grootheden binnen de Social Role Validation besproken die noemt dat kritische massa. Dat zal niet van haar afkomstig zijn. Maar als je een groep mensen hebt zoals de Princenhof Groep waarin allerlei mensen leiderschap tonen op dit gebied en die zetten met z'n allen de schouders eronder vanuit dezelfde visie, dan ontstaat er iets en dan ... daar kun je dan een aantal jaren op teren en dat is ook gelukt.
Ja. Er waren toen een aantal bestuurders van grote zorginstellingen die ook echt de visie hadden ja, en die elkaar daarin niet in gingen concurreren, maar gingen samenwerken. Zoals Pierre Quaedvlieg.
Gerard
Ja en Hans Kroeber?
Hans
Ja en nog een aantal. Dat zorgde ervoor dat dat je de ruimte kreeg om te experimenteren en ook dingen te zeggen die anders waren dan de gestampte pot. Ja en kritische massa, en je kunt dingen in beweging krijgen. Je zag op het moment dat die Princenhof Groep uit elkaar viel, en tevens de subsidie wegviel door de crisis ... Je zag het in elkaar storten ja, dat je die steun niet meer had omdat het niet meer breed werd gedragen en het werd ineens niet meer gezien.
Gerard
Belangrijk om te bespreken is, in welk jaar zitten we nou.
Hans
2010 Ja.
Gerard
Ja, dat was ook de tijd dat de Federatie van Ouderverenigingen eigenlijk een klein beetje minder werd. De opkomst van de van de belangengroepen, van bijvoorbeeld Onderling Sterk, waar ik toen werkte ..
In mijn analyse, ik zet die maar effe tegen jou aan zijn er twee sporen.
Het ene spoor dat het structureel fundamenteel minder wordt omdat de omstandigheden en de voorzieningen, ook geld, minder worden.
Maar qua beeldvorming is er natuurlijk wel ja, we hebben inmiddels ervaringsdeskundigheid, dus de soort van emancipatie van de mensen zelf die ook het woord cliënt niet meer wilde horen.
Toen ik begom was het nog zwakzinnig. Daarna hadden we dan nog geestelijk gehandicapten. Toen kregen we verstandelijk gehandicapten en nou zijn het mensen met een beperking. Ja, eigenlijk één pot nat, wat ben je daar nou zo mee op vooruitgegaan als mensen met een verstandelijke beperking? Je zelf te noemen?
Hans
Ja nee, ik vermijd het ook als het maar enigszins kan en dat heb ik bij Perspectief ook wel geleerd. We hebben alles gedaan om te vermijden dat het woord cliënt of het woord beperking in onze teksten voorkwam. Dus. Maar het lastige is dat er niet één woord voor te te vinden is dat de lading dekt. Dus meestal was het dan mensen die ondersteuning krijgen of , mensen die gebruik maken van de dienstverlening.
Maar dat worden natuurlijk hele lange teksten. Maar iedere keer benadrukken, van elke vorm elke term die bedacht is voor mensen die wat ondersteuning nodig hebben in het leven, zorgt ervoor dat die ja een een ondergeschikte rol krijgt als het ware ten opzichte van degenen die hem moeten begeleiden.
Ja, en in Nederland is alles organisatie georiënteerd en alles moet geprofessionaliseerd worden. Alles moet aan allerlei standaarden voldoen, bedacht door mensen achter een bureau.
Gerard
Wat zijn eigenlijk de grootste oorzaken van de teloorgang van de normalisatie. Of is er helemaal geen teloorgang geweest?
Hans
We zijn nooit echt daar uitgekomen waar we wilden komen. De echte inclusie van mensen is niet ontstaan.
En waar het is ontstaan, heb je het niet gezien, is het niet geregistreerd. Dat is het lastige natuurlijk. Op het moment dat je wijst dat iemand geïncludeerd is , is die niet meer geïncludeerd omdat.
Gerard
Je onzichtbaar bent dan hoort die erbij. Dan heeft ie niet meer die aparte stigma status. Ja ja.
Hans
Op een gegeven moment bestond ook het idee binnen instellingen dat de inclusie aan het mislukken was, want er ontstond geen integratie vanuit die gedecentraliseerde woonvoorzieningen die zo kostbaar waren.
Gerard
En ja, dan had je ook nog als argument het kost te veel geld.
Hans
Ja, alles draait om geld.
Ik begeleid ook ouder initiatieven en als we daar beginnen met u wilt een ouder initiatief, dan is mijn eerste regel we beginnen niet over geld. We gaan t eerst hebben over de inhoud. Inderdaad, wat is je visie? Wat voor leven zie je voor je, voor je kind? Wat voor toekomst zie je? Wat voor ideeën heb je over hoe iemand het beste begeleid kan worden? Wat zijn je ideeën over wat een goede kwaliteit van leven is?
Zodat het plaatje over wat je wilt maken voorop staat voordat je het gaat hebben over wat is financieel haalbaar.
Want ik heb gemerkt dat als je het op deze manier doet, dan blijkt er ineens ook financieel veel meer haalbaar te zijn dan je op voorhand denkt.
Als je een ouder instituut begint, ik weid weer uit, maar dan dan begint men al met dan moeten er minstens twaalf plaatsen zijn. En dan zit je dus altijd weer in een groeps voorziening.
Gerard
Dat jij dus als manager gewoon de inhoud moet maken.
Wij zijn allemaal mensen van het hart die in de zorg en dat sluit al bijna uit dat wij de mensen van de ratio zijn, van de organisatie. Ja dat is ook toch? Waardoor ook volgens mij ook heel veel in schoonheid is gestorven.
Afrondend , we hebben de Sociaal Rol Validation gehad. We hebben het over de geschiedenis gehad van waaruit die alternatieven voor de grootschalige inrichtingen vandaan zijn gekomen.
Maar en daar wil ik dit rondje even mee afsluiten. Is er ook een politieke ontwikkeling of ja, maatschappelijke ontwikkeling naar schaalvergroting gekomen? Ja wat eigenlijk ook de overzichtelijkheid van de vermaatschappelijking in de weg heeft gezeten. Of niet?
Hans
Nou ja, dat dat is het verhaal van het moet allemaal uit kunnen. De indicaties die bepalen wat voor problematiek je hebt, en daarom worden programma's ontwikkeld waar een x bedrag aan geld voor is. Dat is de drijvende organiserende factor in instellingen en bij zorgkantoren en overal.
Je kunt ook gebruik maken van het persoonsgebonden budget hè. Dus als je je eigen leven wil inrichten is dat het instrument om die zorg betaald te krijgen.
Om eigen regie te houden? Dan moet je zelf mensen in dienst nemen die jou wel de begeleiding geven die je wil hebben. Maar dat vraagt steeds meer van je steunsysteem om dat overeind te krijgen en te houden omdat er steeds meer regels omheen zijn gekomen die niemands belang dienen. Alleen het belang van het zorgkantoor om zo weinig mogelijk geld uit te geven. Naar PGB houders wordt er veel eerder gekeken als zijnde potentiële fraudeurs.
In de beeldvorming maar ook actief in de manier waarop ze bejegend worden door de zorgkantoren. Gebeurt dat? Ja, daar ben ik regelmatig bij.
Of ik wordt meegenomen als beveiliging van de familie omdat die bang zijn voor het gegeven dat ze misschien niet voldoen aan de eisen en daardoor geen geld krijgen. Ja die angst die is enorm en het wantrouwen is ook enorm gestegen. Dus we zijn niet meer voor hetzelfde doel bezig.
Iedereen is voor zichzelf bezig en we hebben nu te maken met een systeem wat zo ingewikkeld is dat het volgens mij -a- gigantisch veel geld kost, -b- heel erg inefficiënt is, en -c- heel erg veel plichten oplegt aan alle betrokkenen om überhaupt nog een beetje geld te krijgen om je eigen leven in te kunnen vullen met begeleiding.
Gerard
En dit is een organisatie systeem waar ik denk dat beheersings denken eigenlijk het meest belangrijke is geworden.
Hans
Klopt, en wat je ziet bij bij instellingen is dat die programma's hebben ontwikkeld op basis van die indicaties en die ontwikkelen dus geen visie met het idee van de cliënt centraal, iets wat we tien, twintig jaar geleden nog hadden. In alle visie, beschrijving en mission statements van instellingen is dat compleet verdwenen. Zie je niet meer terug.
Gerard
Ook niet in de visies?
Hans
Nee, nee, ook niet. Nee, dat is dat is ook daar geschrapt. Bijvoorbeeld recentelijk nog bij Middin, een van die progressieve organisaties die ooit in de Prinsenhof Groep heeft gezeten. Ja, die hebben dat ook geschrapt. Daar was een hele actieve lobby en heel veel mensen zijn daar ook geschoold in Social Role Validation - Sociale rolversterking in het Nederlands.
Dat is tot drie jaar geleden actief geweest. In een half jaar daarna is het daarna letterlijk overal uit geschrapt en en mensen zijn ... en die programma's zijn letterlijk kapot gemaakt. Ja, omdat het niet meer paste bij de business case van de instellingen.
Nee, het zit nog wel in de mensen die het moeten doen en dus. Er is wel het besef dat dat zo moet zijn en dat voor heel veel mensen, je vooral naar de mens moet kijken en niet alleen maar naar de beperking. Ja, je ziet het in het feit dat heel veel begeleiders niet meer bij een instelling werken, maar als ZZPer bezig zijn omdat ze dan hun vak kunnen uitoefenen waarbij ze kijken kunnen kijken naar de persoon en niet hoeven te voldoen aan het programma of het systeem van de instelling.
Oké, de instellingen zelf zijn wat mij betreft , nou ja bezig met met hun organisatie en en de eigen broek ophouden en proberen in het Engels methodieken verder uit te werken. Ze zijn niet inactief, maar ik vind het weinig te maken hebben met de individuele belangen van een persoon.
Gerard
Lijkt me een mooi punt om even vast te houden om in de volgende podcast op verder te gaan.
--------------------------------